2008
Kubusproject 1969-1971
Tentoonstelling in Kröller-Müller Museum van 5 juli 2008 - 4 januari 2009
Eind 2007 kreeg het Kröller-Müller Museum een bijzonder kunstwerk aangeboden: het Kubusproject van componist Ton Bruynèl (1934-1998) en beeldhouwer Carel Visser (1928). Het werk – een environment waarbij muziek en sculptuur een onlosmakelijke eenheid vormen en ook de bezoeker wordt uitgenodigd tot deelname – ontstond tussen 1969 en 1971 in de studio van Ton Bruynèl. In 1971 werd het binnen een context van experimentele muziek en beeldende kunst voor het eerst in het Stedelijk Museum in Amsterdam opgebouwd en door jong en oud als een bijzondere belevenis ervaren. In 1976 stond het in een iets gewijzigde opstelling in het Centraal Museum in Utrecht. Daarna raakte het uit het zicht.
Nu, in 2008, precies 10 jaar na de dood van de componist en in het jaar van Vissers 80ste verjaardag duikt het weer op. Vrienden van Bruynèl hebben het werk jarenlang bewaard in en rond hun huis, eerst in Nederland en later in Frankrijk, dwz de twee indrukwekkende geluidsmachines en de bijbehorende banden met de compositie van Bruynèl, en de stalen kubussen van Visser. Meer informatie...
Donderdag 15 mei 2008 start het festival Listening Landscape in de Nicolaïkerk te Utrecht. Op de openingsavond klinken de orgelwerken Reliëf (1964), Arc (1966), Kolom (1987) en Dust (1992) van Ton Bruynèl. Organist Willem Tanke bespeelt de orgels van de Nicolaïkerk en René Uijlenhoet, zelf ooit student van Bruynèl geweest, bedient de tapes.
Vrijdag 16 mei: Early Works - Latest Works
met o.a. Sonsoles Alonso, Ainhoa Miranda Gimenez, Carlos Galvez Taroncher, Goska Isphording, Studenten HKU Faculteit KMT en Het Utrechts Conservatorium.
Studenten van de opleiding Kunst, Media & Technologie presenteren nieuwe werken in de geest van Ton Bruynèl. Het vroegste werk van Bruynèl, vanaf 1959, klinkt aansluitend. Na zijn eerste abstracte composities klinken een aantal overgangswerken, waarbij Bruynèl’s muziek steeds lyrischer vormen aanneemt, en wordt toegewerkt naar zijn laatste werken van begin jaren negentig.
Zaterdag 17 mei: met DVD-presentatie Stichting Ton Bruynèl en uitvoeringen door o.a. Frances Elliott
Bruynèl’s werken kenmerkten zich vanaf het midden van de jaren zeventig steeds meer als zogenoemde ‘landschapsstukken’. Bruynèl gebruikte klanken uit de natuur voor zijn tape. Ook de akoestische instrumenten gingen steeds meer natuurlijke klanken produceren. Het landschap van Frankrijk en Spanje, waar hij regelmatig woonachtig was, kreeg een ‘weerklank’ in zijn composities. Broeierige stukken die zich laten ondergaan als ware het landschappen. Uitvoeringen zijn er onder meer van Serene (1978) door Frances Elliott, Soft Song (1974) door Dorine Schoon en Save The Whale (1989/91) door Carlos Galvez Taroncher.
Vooraf presenteert de Stichting Ton Bruynèl de DVD The Art of Ton Bruynèlmet onder meer de video-opera Non sono un uccello, die verschijnt bij Attacca Records.